ATELIERBEZOEK HERVÉ MARTIJN

ATELIERBEZOEK HERVÉ MARTIJN


Een smalle doorgang in de strak geschoren haag, leidt mij tot bij de dubbele witte voordeur met zwarte horizontale strepen. In deze – door de Belgische architect Huib Hoste in 1919 ontworpen – woning werkt Hervé Martijn met grote passie verder aan zijn eigen onophoudelijke zoektocht dat schilderen voor hem is.

Het huis straalt essentie uit. De trap, een driedimensionale weergave van een Mondriaanse lijnvoering, een kopie van een Rietveld-zetel in een bovenkamer en de typische balkvorm van de Stijl aanwezig in de keukenlamp, brengen kunst tot bij de bezoeker. Een lamp belicht een nog letterlijk olievers schilderij dat zich staande houdt tegen een met olieverf bekladde muur. Een karretje met borstels en aangebroken verftubes liggen binnen handbereik. De geur van terpentijn overheerst.

We gaan verder. Iedere kamer van het huis herbergt afgewerkte schilderijen. Hervé gaat me voor naar boven. Hij wil me de kiem van zijn kunstenaar-zijn tonen. Referentiewerken van vroeger. Fossielen van zijn DNA, zijn persoonlijke zoektocht die begon bij beschilderde dakpannen van zijn grootvader en oude brieven van zijn grootmoeder. Zijn vroegere werk ligt dichter bij conceptuele kunst dan zijn huidig werk dat ontegensprekelijk gelijkenissen vertoont met het oeuvre van Gerard Richter en Michaël Borremans. Toch is Hervé allesbehalve een na-schilder. Hij is authentiek en gaat zijn eigen weg, met belangrijke ankerpunten zoals de grotere organische werken, de roestschilderijen waar de figuratie het resultaat is van een goed gemanipuleerd oxidatieproces tot het sterk autobiografisch werk zoals het schilderij ‘Weakness of my picture’ uit 2007 waar de kunstenaar verwijst naar de laatste autorit van zijn verongelukte vader en het bezoek als kind aan Aviflora waar hij de roze vogels kon bewonderen. Schilderen is voor Martijn onophoudelijk, moeilijk, verrassend. Een lange rit zonder eindstation, maar met soms prachtige en aangrijpende tussenstops.

foto1

 

Het werk van Martijn kenmerkt zich door de vraagstelling, het duale, het zoeken naar de innerlijke identiteit van zijn geschilderde figuren. Hij noemt zichzelf een zoeker. Een gepassioneerde vorser die in het schilderen zowel ontlading als verslaving vindt. In deze dualiteit schuilt zowel het métier als de vrees van het niet kunnen bereiken van de gestelde doelstelling. De figuren zijn op het eerste zicht aantrekkelijk, maar krijgen bij dieper onderzoek veelal een ander (beladen) karakter met zich mee. ‘Le magasin du savoir;féminin’ uit 2012 past in een reeks waar de schilder op onderzoek gaat naar de feitelijke werkelijkheid van een beeld en de zintuigelijke verruiming door de beperktheid van het kijken.

foto2

 

Het schilderij ‘A discernible marker of what has been’ uit 2012 stelt een man voor op de rug. Hij heeft zich afgewend van de toeschouwer, het gezicht verborgen, zijn kleren ogen onafgewerkt. De figuur refereert naar een pianospeler van een inkomsthal van een groot Amsterdams hotel. Zijn recital vervliegt in het niets. Hij speelt alleen voor zichzelf en zijn boodschap gaat verloren door desinteresse van de haastige hotelgasten. Vaak zijn de afgebeelde figuren niet de mensen die ze werkelijk lijken te zijn. Ze zijn gekwetst en dragen soms amper de waarneembare littekens van het leven mee. De pianospeler draagt geen chique kostuum, maar een onafgewerkt, door het leven getekend kledingstuk.

foto3

 

Ik stel me na het bezoek de vraag wat de drijfveer van Martijn zou kunnen zijn. Is het de onvoorwaardelijke liefde en interesse voor de schilderkunst of de zoektocht naar de dualiteit van het menselijk zijn? Het streven naar totale controle van verf en canvas? Het beheersen van het menselijk brein en het authentieke vertalen van deze gedachten in het visueel aanschouwelijke? Zoals de Vlaamse primitieven het hem vakkundig zovele eeuwen geleden voordeden. Martijn ademt schilderkunst. Een dag zonder penseel is voor hem een dag zonder zonlicht. Misschien schuilt in zijn werk ook een stukje van dat innerlijke lijden. Die duale vraag waar iedere kunstenaar mee worstelt, hoe groot hij ook zelf of zijn oeuvre met hem moge zijn. Het lijden in de werken van Hervé is altijd ingetogen, nauwelijks waarneembaar, beschamend en soms zelfs sensueel.

hervé

© Cedric Verhelst

Schilderijen hoeven niet noodzakelijk begrepen te worden. Misschien is het beter als we ze niet volledig kunnen begrijpen, laat staan doorgronden. De grote meester Picasso had het over de twee jaar dat een mens nodig heeft om te kunnen spreken en vervolgens de volledige levensloop om opnieuw te kunnen zwijgen. Verwondering blijft het best binnensmonds. Kijken, zelf vragen stellen, zoeken en ontroerd worden door dat beeld dat je met meer vragen dan antwoorden belaadt.

Overige foto’s © Hervé Martijn

Hervé Martijn wordt vertegenwoordigd door:

galerie Dessers, Leuven – www.galeriedessers.be

galerie Wilms, Venlo – www.galeriewilms.nl

www.hervemartijn.com

publicatie: OUNCE, uitgegeven door MER. Paper Kunsthalle  – ISBN 978 949177 587 1

Categories

+ There are no comments

Add yours